Toekomstdromen

Polletje

Mijn moeder heeft mijn kat weggedaan. Het was zo’n lief beest. Toch heeft mijn moeder wel gelijk, omdat hij alleen maar lief bij mij was. Maar aangezien ik nogal dol op katten ben vond ik het heel erg dat hij weg moest. Toen mijn vorige kat dood ging vond ik het helemaal erg, want dat was de liefste kat die ik ooit heb gehad. Het klinkt misschien raar, maar toen ik die nog had kwam hij altijd zo lief op schoot liggen en vertelde ik hem gewoon alles. Alleen kreeg ik geen antwoord terug.

Zomaar een alinea uit één van de brieven die ik lang geleden aan een leerkracht heb geschreven. Enige tijd geleden kreeg ik ze terug. Met ingehouden adem las ik ze stuk voor stuk, sommigen wel twee kantjes vol, aandachtig door. Opeens vroeger weer even dichtbij alsof het gisteren was. Het duurde lang voordat ze op school erachter kwamen wat er speelde. Dikwijls had ik na de les zwijgend tegenover mijn mentor in het voorste schoolbankje gezeten. De ene keer omdat ik een slecht cijfer had gehaald voor een repetitie, de andere keer omdat ik er niet bij had kunnen blijven in de les. Pulkend aan de pluisjes van mijn trui vocht ik tegen mijn tranen. Soms wilde ik bijna iets vertellen, maar ik durfde haar nauwelijks aan te kijken.

Langzaamaan was ik meegetrokken in een wereld, waarin ik aan de ene kant onderdeel was van iets dat ik niet begreep en aan de andere kant steeds meer ging begrijpen dat het iets was dat niet aan het licht mocht komen. De enige die ik durfde te vertrouwen was mijn kat. Ook in de schoolvakanties zat hij bij me op schoot te spinnen en telde ik de dagen tot ik naar school zou kunnen. Ondanks dat ik op mijn tenen moest lopen en slechte cijfers behaalde was ik er graag.

Op de lagere school was ik al geen studiebol. Het grote aantal rode strepen in mijn schriften waren daar het bewijs van. Het kwam maar zelden voor dat de leraar trots zijn stickerboekje tevoorschijn haalde en ik een mooi plakplaatje mocht uitzoeken. Tijdens het voortgezet onderwijs werd het er niet beter op. De gedachten dat ik aan het eind van de dag naar huis moest hielden me niet bij de les. ‘Die van mij is zo slim dat ze elke klas tweemaal doorloopt!’ hoorde ik mijn vader regelmatig met een biertje in de hand op verjaardagen verkondigen. Door de uitbundige vrolijke manier waarop hij het vertelde leek het haast niet erg. Het liefst wilde ik mijn handen op mijn oren houden of heel hard wegrennen, maar dan wist ik zeker dat mensen er nog lang over zouden napraten. Daarom lachte ik maar wat mee met de visite. Door de brieven van destijds aan mijn leerkracht worden de woorden die ik lees ongeveer weer letterlijk voelbaar.

Mijn vader heeft me niet eens gefeliciteerd dat ik over ben. Die zei alleen: ‘O… nou dat mag wel voor de tweede keer.’ (echt zo hatelijk). Toen hij mijn rapport zag ook. Hij keek even en gooide het zonder iets te zeggen op tafel. Soms (heel vaak) kan ik hem wel schieten.  

Vandaag baalde ik ontiegelijk van school. Voor mijn overhoring Engels had ik een 3 en voor aardrijkskunde een 1. Ik heb binnenkort mijn boekbespreking en ik kan niet eens normaal een boek lezen, omdat ik me totaal niet kan concentreren. Mijn ouders denken dat een repetitie makkelijk is en snappen niet eens waarom ik mijn huiswerk moet leren. Laatst vertelde ik mijn moeder dat ik een 8,8 had en ze zei niet eens dat ze het goed vond of zo. Na een kwartier dacht ik: Heb ik het nou al verteld? dus ik zei het nog een keer. Toen zei ze: ‘Ja, dat heb je al verteld…’ op zo’n toon alsof een 8,8 niks is. Ze moest eens weten hoe hard ik ervoor geleerd heb om dat cijfer te halen.

Lange tijd ben ik onzeker geweest. Mijn vrienden hebben allemaal gestudeerd en ik kon niet eens in fatsoenlijk Nederlands een sollicitatiebrief schrijven toen ik op mezelf ging wonen. Het leven in een normale wereld zonder mijn familie voelde vaak onwerkelijk en 100% anders dan waar ik vandaan kwam. Gelukkig kon ik in het begin bij een vriendin met berichtjes checken of iets niet gek was in de normale wereld, waarna ik na een duimpje omhoog als een soort ontdekkingsreiziger op avontuur ging. Het lukte een eigen leven op te bouwen, een veilige omgeving met fijne vrienden te creëren en mezelf beter te leren kennen, zodat ik eigen keuzes leerde maken. Door de rust en ruimte die ontstond kwam ik algauw tot het besef dat ik niet ver zou komen met mijn leerachterstand. Omdat het me aan geld voor een studie ontbrak kocht ik de Schrijfwijzer en oefende ik dagelijks met spelling en grammatica met de gedachte dat ik me dan in ieder geval redelijk zou kunnen uitdrukken. Daarna probeerde ik verhaaltjes te gaan schrijven en kocht ik boeken. In het begin ook de kinderboeken die ik bij vroeger bij vriendinnetjes in de kast had zien staan. Mijn nieuwsgierigheid groeide; als een spons verslond ik het ene na het andere boek en verdiepte ik me in verschillende interessegebieden.

Na vele bijbaantjes groeide ik dankzij een werkgever die me kansen bood in een uitdagende functie. Vanzelfsprekend moest ik onderaan beginnen en er hard voor knokken, maar ik kreeg het gevoel een steentje bij te dragen in het grote geheel en er toe te doen. Stap voor stap lukte het houvast te vinden en mijn nieuwe wereld eigen te maken. Ondanks dat ik wist waar ik vandaan kwam en er één en ander (naar later bleek) aan PTSS symptomen aanwezig was voelde het als een ware bevrijding; ik kon ik op stap met vriendinnen, genieten van mooie reizen en bovenal van het leven zelf. Vrijwel niets leek mijn toekomst in de weg te staan totdat mijn eerste liefde om de hoek kwam kijken en het van het ene op het andere moment bergafwaarts ging. We modderden een tijdje aan maar mijn lichaam en geest reageerden heftig op het hele liefdesgebeuren, waardoor ik volledig het verleden in werd gezogen. Ik besloot hulp te zoeken. Vooral omdat het verlangen naar een kinderwens in de loop der jaren was gegroeid en ik het anders dan mijn eigen jeugd zou willen doen.

Gedurende mijn zoektocht, waarbij ik circa tien jaar lang van het kastje naar de muur werd gestuurd binnen de GGZ, namen mijn PTSS klachten zodanig toe dat mijn nieuwe bestaan verder weg leek dan ooit. Op alle plekken kreeg ik tijdens of kort na het starten van de behandeling te horen dat ik niet op het juiste adres zat of werd ik op voorhand al afgewezen voor traumabehandeling. 

Nadat ik het ouderlijk huis verliet koos ik er bewust voor om het leven op een mooie manier te leven en op ontdekkingstocht te gaan in een wereld die ik niet kende.  Met vallen en opstaan probeerde ik een stevige en veilige eigen basis te creëren in de hoop normaal mee te kunnen doen in de maatschappij en er zelfs op de aller moeilijkste momenten met één been in te kunnen blijven staan. Vaak moest ik op mijn tenen lopen om te kunnen komen waar andere mensen zijn. Ik hoopte dertien jaar geleden na afronding van een hulptraject over een toekomst met (inmiddels vervlogen) kinderwens na te kunnen denken, maar een minder goede start in het leven voelt soms ook in de normale wereld bijna als een strijd die maar moeilijk te overwinnen lijkt. Toch is het gelukt de knop weer om te zetten en me te richten op mijn herstel. Ik heb alweer een aantal jaar goede hulp en de veerkracht gevonden houvast te vinden in nieuwe uitdagingen. Mijn dromen zullen nooit verdwijnen. Ook al worden ze af en toe even overschaduwd door de gevolgen van mijn jeugd.

Door de site te te blijven gebruiken, ga je akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om je de best mogelijke surfervaring te bieden. Als je doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van je cookie-instellingen of je klikt op "Accepteren" hieronder, dan ben je akkoord met deze instellingen.

Sluiten